26
augustus
2019
|
10:45
Europe/Amsterdam

Klant en maatschappij: een gedeelde eerste plaats

Als coöperatieve verzekeraar zien we de belangen van onze klanten en spelen we in op de maatschappelijke ontwikkelingen. We reageren op wat er in de samenleving gebeurt. En op de behoeftes van de mensen die daar uit voortvloeien. Zo willen we klantrelevant zijn en van grote betekenis in het leven van mensen. Hoe heeft onze klant zich ontwikkeld in al die jaren? En hoe waren wij klantrelevant door in te spelen op de gebeurtenissen in de maatschappij?

Onze klanten toen en nu
Onze klanten van vroeger verzekerden zich alleen voor brand en overlijden. Het bezit was minimaal, dus ook de risico’s waren beperkt. Tegenwoordig is dat heel anders. We bezitten meer, in de wereld gaat alles sneller en de mogelijkheden om dingen te doen zijn eindeloos. Er zijn meer risico’s dus de noodzaak om te verzekeren is veel groter. Ook delen we steeds meer ons bezit. We gebruiken vaker met meerdere huishoudens een auto. Deze deeleconomie vraagt om een andere manier van verzekeren. Zo verzekert Centraal Beheer bijvoorbeeld ook een auto als men deze deelt via de Vereniging Gedeeld Autogebruik. Maar niet alleen de toename van mogelijkheden zorgt voor groei. Ook de regelgeving en maatschappelijke ontwikkelingen en gebeurtenissen in de afgelopen eeuwen vroegen steeds weer om een oplossing.

Inspelen op regelgeving
Kijkend naar de geschiedenis zien we onder andere een golfbeweging van meer of juist minder overheidsinvloed. Steeds als de overheid zich terugtrok waren er particuliere initiatieven van de voorgangers van Achmea die de gaten opvulden. De eerste brandonderlinge Achlum 1811 en de ziekenfondsen in het midden van de 19e eeuw zijn daar mooie voorbeelden van. Maar ook als de overheid wel invloed had, bijvoorbeeld door de invoering van sociale wetgeving, waren wij nodig om die wetten uit te voeren. Denk aan de Zeerisico-verzekering als gevolg van Ongevallenwet. En het op poten zetten van het GAK door Centraal Beheer voor de administratieve uitvoering van die sociale wetgeving. Steeds weer kijken we waar we van toegevoegde waarde kunnen zijn. In de tentoonstelling ‘de Tijd Vooruit’ laten we dit uitgebreid zien.

Maatschappelijke betrokkenheid – steun bij ongeluk
Een andere kant van inspelen op wat er in de samenleving gebeurt, is de maatschappelijke betrokkenheid van Achmea bij persoonlijke drama’s en rampen. Verzekeraars krijgen te maken met schades ten gevolge van ernstige gebeurtenissen. In de tentoonstelling vind je hier voorbeelden van. Onze rol is niet alleen geld uitkeren, maar ook meedenken in oplossingen, expertise inzetten en nadenken over preventie. Naast het bedienen van onze klanten willen we maatschappelijke verantwoording nemen. Zo ondersteunen we ook organisaties die mensen helpen met een afstand tot de maatschappij. Denk aan Stichting Lezen & Schrijven, Stichting Leven en Financiën (LEF) en natuurlijk de Achmea Foundation.

Groots denken en dat toepassen op het individu
Ook al zijn we een winstgevende organisatie, we blijven maatschappelijk betrokken. Bij alles wat we doen kijken we waar we relevant en van toegevoegde waarde kunnen zijn voor onze klanten. Verzekeren maakt mensen onafhankelijk. Het is een vangnet voor als het echt niet meer gaat. Het voorkomt dat mensen in de problemen raken. Op die manier helpen we mee om de economie draaiende te houden. Dat deden we vroeger al door in 1811 samen de schouders eronder te zetten. Maar ook tegenwoordig is het actueel. Kijk bijvoorbeeld naar de arbeidsongeschiktheidsverzekering voor ZZP’ers. ‘Den Haag’ vindt dat daar een vangnet voor moet komen. Zodat ook deze mensen niet in de problemen komen. Daar denken we in mee en ook daar zullen we op termijn weer nieuwe innovatieve producten voor ontwikkelen. Zo werken we aan de houdbaarheid van onze samenleving.

Voorkomen is beter dan genezen
Ons werk gaat verder dan verzekeren. We proberen steeds meer vooraf al actie te ondernemen. Dat doen we door preventie en tijdige hulp. Maar vooral door mensen te leren ook zelf problemen te voorkomen. Samen werken we zo aan onze toekomst en voortbestaan van onze maatschappij.